Elstar

Resultaat 1–12 van de 17 resultaten wordt getoond

Gele mutant van Golden die het best bestand is tegen verruwing. Zachte schil. Zoete smaak met een lage zuurtegraad. Pluktijdstip half september. Geschikt voor lange bewaring.
Mutant van Fuji gevonden door Thomas Braun in Sudtirol (IT). Laat bloeitijdstip, goed vorstbestendig. Robijnrood gestreepte, glanzende vrucht. Zoete, knapperige vrucht. Pluktijdstip half oktober. Goed bewaarbaar.
Zuid-Afrikaanse origine. Variëteit ontdekt door Buks Nell. Middentijdse tot late bloei. Donkerrode en lange vrucht. Krokante en zoete appel. Pluktijdstip: midden september en een lange bewaring is mogelijk.
Gestreepte mutant afkomstig uit Zuid Frankrijk. Pluktijdstip tweede week september. Goed bewaarbaar.
Gala Magma® is een mutant van Gala en werd door Reinhard Lang in Oostenrijk ontdekt. Deze appelsoort heeft een middelsterke groei die vergelijkbaar is met andere Gala-mutanten. Gala Magma® kleurt zeer vroeg en is één week eerder rijp dan Gala Must. De appel heeft een levendige helder- en donkerrode gestreepte kleur over de volledige vrucht. Slechts 3% van de vruchten heeft een mindere roodverkleuring. De kleuring van Gala Magma® is zeer stabiel. Deze vrucht kent weinig of geen regressie. Het bloeitijdstip van Gala Magma® is midden-laat en vergelijkbaar met andere Gala-mutanten. De smaak van Gala Magma® is aromatisch zoet met lichtgeel en zeer sappig vruchtvlees. De hardheid bedraagt 8,9 kg/cm² met een suikergehalte van 12,1° Brix en een appelzuurwaarde van 4,4 g/l. De bewaarbaarheid is vergelijkbaar met andere Gala-mutanten.
Donkerrode niet gestreepte Gala. Mutant uit Gala Schniga®. Pluktijdstip begin september.
Middelgrote, donkerrode appel. Rood over de volledige vrucht.Pluktijdstip begin september. Middentijds bloeitijdstip. Mutant van Gala Schniga®Schnitzer.
Toevalzaailing, vermoedelijk ontstaan uit kruising van Grimes Golden met een onbekend ras. Vrij sterke kopgroei. Middentijdse bloei; tamelijk laat Goede kwaliteit van het stuifmeel en enigszins zelfverdraagzaam. Vroege variëteit en weinig beurtjaargevoelig. Pluktijd loopt van eind september tot de vierde week oktober. Middelgrote vrucht, regelmatige vorm. Groengele vruchten die later geel worden. Er kan in sommige jaren sterke vruchtschilverruwing voorkomen. Vruchtvlees is tamelijk stevig en zachtzuur. Deze variëteit kan tot half januari bewaard worden, in ULO tot eind juni. Goed uitstalleven.
Gevonden door M.H. Reinders te Helden-Panningen (NL) in 1962. Gele tot groengele vrucht. Gladde, middelgrote vrucht. Eerder late bloei. Pluktijdstip midden september.
Gevonden door T. Smith Ryde te New South Wales in Australië. Groene regelmatige vrucht met duidelijke lenticellen. Verfrissend lichtzuur, sappig en knapperig. Pluktijdstip eind oktober.
Grote uniforme vrucht. Zeer zoete, knapperige en sappige vrucht. Goed uitstalleven en goed voor lange bewaring. Pluktijdstip twee weken voor Braeburn, half oktober.
Donkerrode zeer zoete appel. Gekruist door Jean Moors. Clubvariëteit vermarkt door de Belgische Fruitveiling (BFV). Pluktijdstip begin oktober.